19 | 7 | 1934
Een leven lang theater Theaterencyclopedie Willem Nijholt

Een verwarrend nachtje

26 februari 1966
Een verwarrend nachtje van Oliver Goldsmith
Gezelschap : Nederlandse Comedie
Regie : Ton Lutz
Rol : stiefzoon Tony
Met o.a.: Wim v.d. Brink, Jules Croiset, Jac. Commandeur, Nell Koppen, Petra Laseur, Allard v.d. Scheer


Marja Habraken, Willem Nijholt. Foto Ad van Gessel. Collectie Theater Instituut Nederland

Uit de pers:
* Tony Lumpkinbleek even later een achttiende eeuwse provo geheel gestoken in zwart leer, zij het naar de eisen van die tijd wat sierlijker verwerkt. Wat hij in het café met zijn kornuiten zong had niet te loochenen beat-elementen. (...) Willem Nijholt speelde met deze provo in een uitdagend dédain zijn tweede opmerkelijke rol in dit seizoen bij de Nederlandse Comedie.
bron: Piet Ruivenkamp, 'Lutz-stijlverwarreling in Nacht vol verwarring', Haagsche Courant, 20.2.1966

* Willem Nijholt nozemde er als hun losbandige zoon onverdroten op los alsof hij - het was toch zaterdagavond - bij het Lieverdje op het Spui stond.
bron: Simon Koster, geen titel, Haarlems Dagblad, 28.2.1966

* Treffend was Willem Nijholt als de deugniet, die voor vele misverstanden zorgt.
bron: Jan Spierdijk, geen titel, De Telegraaf, 28.2.1966

* Ten slotte de typische eenling in dit stuk, de onrustverwekker en buitenstaander, in wie Goldsmith heel wat van zichzelf moet hebben neergelegd: Tony Lumpkin, het aan ieder en alles ontsnappende moederszoontje. Wij lazen ergens dat met de vervulling van deze rol het stuk staat of valt. Welnu, met zijn weergave van deze kostelijke figuur wist Willem Nijholt, die reeds eerder dit jaar tot een opmerkelijke prestatie kwam, het pleit geheel te winnen. Reeds zijn eerste, bruisende optreden in de herbergscène verschafte hem een open doekje.
bron: Auteur onbekend, geen titel, NRC, 28.2.1966

* De voornaamste drijvende kracht van het stuk is de losbollige Tony in wie Goldsmith heel wat autobiografische gegevens uit zijn eigen zwervende studentenjaren heeft geïnvesteerd. Hij zet de typische verwikkelingen-actie in gang door twee vreemdelingen in te kwartieren in zijn vaders huis en ze wijs te maken dat het de dorpsherberg is en hij weet ook later de gemaakte brokken weer vindingrijk te lijmen. Het is dan ook de redding geworden van de voorstelling door de Nederlandse Comedie, die dit weekeinde in de Amsterdamse Stadsschouwburg in première is gegaan, dat dit belangrijke personage in de speelse vertolking van Willem Nijholt zo voortreffelijk tot zijn recht kwam.
bron: Hans van den Bergh, geen titel, Het Parool, 28.2.1966

* (...) druk komedie-spelen zonder werkelijke grappigheid behoort tot de droevigste dingen die men op het toneel kan zien. Oliver Goldsmith zou daarvan dit maal onherroepelijk slachtoffer zijn geworden als niet inderdaad de jeugdige Willem Nijholt zijn personage en daardoor de vertoning met aanstekelijke bravoure had opgeladen.
bron: Hans van den Bergh, geen titel, Het Parool, 28.2.1966

* De vroege nozem van Willem Nijholt is een bijzonder geval, erg vlot en levendig, toch een vreemd element, omdat het uit de losse hand leek gedaan.
bron: André Rutten, geen titel, De Tijd, 28.2.1966

* Willem Nijholt viel wel wat uit de toon als provo Tony, maar hij deed zijn plicht heel leuk.
bron: Alfred Kossmann, geen titel, Het Vrije Volk, 28.2.1966

* (...) vooral Willem Nijholt als de losbollige jonker Tony, de aanstichter van alle verwarring die in zijn leren frak nog het meest de sprong naar de twintigste eeuw was gelukt als een gave twistnozem of daaromtrent. Hij deed het opvallendst afstand van de oubollige Goldsmith, die alleen dank zij Lutz en zijn geïnspireerden nu nog te genieten valt.
bron: Paul Beugels, 'Plezierig, luchtig kijkspel', De Volkskrant, 28.2.1966

* De zoon, door dwingelandij tot nietsnut gemaakt, werd tot nozem 200 jaar avant-la-lettre. Wijnberg kleedde hem in toepasselijk lakleer volgens de 18e eeuwse snitten. Lutz liet hem swingerig bewegen en zijn optreden door jazz-ahtige muziek van Louis van Dijk begeleiden. Wim Nijholt maakte er een uitmuntende creatie van, van zijn omgang met onderwereldfiguren (...) zijn kwaadaardigheid, zijn grappen, zijn drankzucht, zijn dwarsheid.
bron: Jeanne van Schaik-Willing, geen titel, De Groene Amsterdammer, 5.3.1966

* Bijzonder aardig waren alleen de binnengesmokkelde verwijzingen naar 'beat'muziek en nozemdom in de persoon van de schavuit Tony. Deze figuur werd door Willem Nijholt bovendien met de onstuimige inzet van zijn flexibele talent tot leven gewekt.
bron: Carel Haverman, geen titel, Elseviers Weekblad, 5.3.1966

* Met klavecimbel sloeg de beat in de kroeg en Willem Nijholt, die Tony speelde, deed dat ideaal. Flitsend rauw met een vurige attaque en hij stal de show. En dat zegt heel wat, want de hele vertoning was bijzonder goed.
bron: Anton Koolhaas, geen titel, Vrij Nederland, 5.3.1966
 
Willem Nijholt
Willem Nijholt
 
Alleen in Willem Nijholt
1950
1960
1970
1980
1990
2000
2010
2020
2030
2040