19|4|1850 - 18|4|1939
Een leven lang theater Theaterencyclopedie Theo Mann Bouwmeester

Diverse gezelschappen in de Salon des Variétés

Ca. 1880
Mathilde Kiehl, Anna Poolman, Theo Mann-Bouwmeester in 1880, bij gezelschap Prot. Foto: Albert Greiner. Collectie Theater Instituut Nederland.
Hoewel zij al sinds het midden van de jaren vijftig van de achttiende eeuw op het toneel stond, vond Theo Mann-Bouwmeester zelf altijd dat haar toneelcarrière serieus van start ging in mei 1873, toen zij vanuit Rotterdam naar de hoofdstad kwam en bij het gezelschap van Boas, Judels en haar broer Louis Bouwmeester ging spelen. 

Het gezelschap bespeelde de Salon des Variétés en Theo Mann-Bouwmeester debuteerde er met de rol van Marie de Consiny in het historische drama Margot de bloemenverkoopster. Overigens werd zij toen nog aangekondigd als Doortje Frenkel of Theodora Frenkel, de achternaam van haar man Maurits Frenkel, die kort na de verhuizing in Amsterdam overleed.

Het gezelschap van Boas, Judels en Bouwmeester bracht elk seizoen melodrama's afgewisseld met kluchten en vrolijke zangspelletjes en vaudewille-achtige nummers in de Salon. Het was een echt volkstheater. Elke zaterdagavond ging een nieuwe voorstelling in première. Op maandag was er een lezing van het nieuwe stuk dat de daaropvolgende zaterdag weer in première ging. In de zomermaanden, wanneer de Salon gesloten was, reisde de troupe het land door en speelde op kermissen en jaarmarkten. Samen met haar broer Louis heeft Theo dit uitputtende werkschema zes jaren volgehouden. Overigens met veel plezier, getuige haar mémoires: "Je leerde het vak, je leerde moeilijkheden te overwinnen, je pakte de trucs. En zeker is 't, dat je bij al dat gereis en gewerk heerlijk opgewekt bleef."

De portier van No. ...
Theo Mann-Bouwmeester en Mathilde Kiehl in De Portier van No. ... bij Gezelschap Prot, ca. 1879. Fotograaf onbekend. Collectie Theater Instituut Nederland.
In 1878 werd de Salon overgenomen door het gezelschap van vader en zoon Gustave Prot. Zij brachten afwisselend operettes en kluchten. Hun sterren waren de komieken Bart Kreeft, August Kiehl en Johan Kelly. Doortje Frenkel had geen zangstem, toch deed ze gedurende één seizoen mee aan enkele operettes. Na dat eerste seizoen besloten de Prots de operettevoorstellingen te verhuizen naar Frascati en het gesproken toneel in de Salon te laten.

In 1880 werd de Salon alweer overgenomen, ditmaal door George de Groot. Het was ook het jaar waarin Doortje Frenkel haar grote voorbeeld Sarah Bernhardt in Amsterdam zag spelen. Bernhardt werd haar grote inspiratiebron. In navolging van 'la divine Sarah' speelde ze de titelrol in Frou Frou en oogstte daarmee zoveel succes, dat ook gezaghebbende critici die de voorstellingen uit de Salon meestal oversloegen, haar vanaf dat moment in het oog hielden. Doortje's tijd in de Salon komt ten einde wanneer A. van Lier haar in 1882 een engagement aanbiedt in zijn eigen Grand Théâtre.

Hieronder vindt u een beknopt overzicht van de verschillende stukken waarin Doortje of Theodora Frenkel speelde in de Salon des Variétés.

 
In De groote Casimir, 1879. Fotograaf onbekend. Coll. Theater Instituut Nederland
In De groote Casimir, 1879. Fotograaf onbekend. Coll. Theater Instituut Nederland
 
Alleen in Theo Mann Bouwmeester
1860
1870
1880
1890
1900
1910
1920
1930
1940
1950
1960
1970
1980
1990