2 | 2 | 1898 - 23 | 4 | 1965
Een leven lang theater Theaterencyclopedie Fien de la Mar

Liefdes

Portret rond 1920
Fien de la Mar rond 1920. Foto: Henri Berssenbrugge. Collectie: Theater Instituut Nederland.
Fientje de la Mar is tweeëntwintig jaar oud als zij in het roemruchte café Schiller op het Amsterdamse Rembrandtplein aannemer Piet Grossouw leert kennen, een grote, aantrekkelijke man die zijn jonge vrouw Liesje Speyer al na zes weken huwelijk had verloren aan de Spaanse griep. Martie Verdenius: “Fien heeft me wel eens verteld - toen ze pas verliefd op elkaar werden, hoe dat toen was. Piet had een meisje gehad, dat was gestorven en dat had het “hele lieve” bij hem weggehaald. ‘t Kan best. Maar ‘t was een enige man. Een knappe vent - een soort Jean Gabin, maar dan in ‘t jong. Ik denk dat Fien, toen ze Piet leerde kennen, iets van een diertje had, op zoek naar warmte” (Geciteerd uit Jenny Pisuisse 1982).

De artieste en de aannemer hebben elkaar gevonden - en weer verloren in kortstondige of langere verhoudingen met anderen. Een van die ‘anderen’ voor Fien was een collega acteur bij het Rotterdamsch Hofstadtooneel met wie zij in de stukken Het graf van de onbekende soldaat en Het proces Mary Dugan speelde en later ook in haar eigen cabaretrevues: Jan van Ees, de zwager van Cor van der Lugt Melsert. Jarenlang hadden de twee een relatie die na een tijd flink aan romantiek zou inboeten. Er deden destijds veel verhalen de ronde over Van Ees’ zachte, zwakke karakter en de wijze waarop de pinnige en egocentrische Fien hem voor haar karretje kon spannen.

Zeker is dat Piet Grossouw niet voor een karretje te spannen viel. De ‘bouwer’ bracht lijn in het leven van de vedette met uiterst wisselende stemmingen, hij kon haar tot bedaren brengen en hield haar onder de duim als dat nodig was. Martie Verdenius: “Piet had een soort hondentrouw. Van ‘het mag Fien niet te erg gaan - ik haal haar uit elke modderpoel’. En dat deed hij dan ook, op zijn eigen manier” (Jenny Pisuisse 1982).  In 1934 keert Piet definitef terug bij Fien en trekt hij bij haar in op de Beethovenstraat 82 II waar zij vanaf 1931 tot haar dood zou wonen. Op 28 november 1941 trouwen ze. Het kinderloos gebleven huwelijk was volgens een aantal naasten gelukkig. “Als iemand tegen mij zegt ‘Noem eens een paar goeie huwelijken op’, dan was Fien daarbij”, zou een buurvrouw van de Grossouws aan Jenny Pisuisse vertellen.

Met Piet Grossouw
Portret van Piet Grossouw en Fien de la Mar. Foto: onbekend. Collectie: Theater Instituut Nederland.

Ondanks het geluk dat meerdere mensen bij het echtpaar waarnemen, houdt Fien er ook tijdens haar huwelijk nog geregeld minnaars op na. “Daar was al zoveel water door de zee gegaan”. Met die woorden schetst collega-acteur Henk Rigters de tumultueuze relatie van de twee waar ook hij tussenin zou komen. Hij krijgt een korte verhouding met Fien tijdens een opvoering van het naoorlogse cabaret van Martie Verdenius, en verbaast zich over haar grote kwetsbaarheid.

Henk Rigters: “Ik geloof niet eens dat ze met zoveel mannen naar bed ging - ik geloof eerder dat het van haar meer een hunkering was - dat verliefd zijn voor haar belangrijker was. Het verrassende was dat ze zich als een jong meisje gedroeg. En niet iemand die ouder is die dat speelt, nee, ze wás zo. Dat was het verbijsterende aan haar, waarvan je bijna schrok. Een vrouw van wie je dacht dat ze door de wol geverfd was, maar die zich opeens als een hunkerend, nerveus, zenuwachtig, verliefd jong meisje ging gedragen. Die mengeling maakte haar zo enorm boeiend” (De Tijd 1982).

“Het enige en het liefste wat ik had is van mij heengegaan”, is de aangrijpende tekst van Fien Grossouw-de la Mar in de overlijdingsadvertentie van haar op 9 april 1957 aan longkanker gestorven man Piet Grossouw.

 
Fien de la Mar rond 1908. Foto: W. Ganter. Collectie: Theater Instituut Nederland.
Fien de la Mar rond 1908. Foto: W. Ganter. Collectie: Theater Instituut Nederland.
 
Alleen in Fien de la Mar
1910
1920
1930
1940
1950
1960
1970
1980
1990
2000